Bronzen objecten van voor de 16e eeuw zijn zeldzaam, daar veel verdween door de vele oorlogen in de smeltkroezen. Toch herbergt de verzameling een 14e-eeuws Mariabeeldje (uit een kruisiging) en een 15e-eeuws wierookvat. Zowel voor kerken, kapellen, kloosters als voor burgerlijke gebouwen werden klokken geleverd. De voor Brugge belangrijke Joris Dumery, die de klokken van de beiaard van het belfort leverde, is in Loppem vertegenwoordigd door een mooi klokje gegoten in 1751. Een ander klokje heeft een inscriptie verwijzend naar Henry van Caloen van Cringen en dateert uit 1819.
De keuken herbergt een groot aantal ijzeren gebruiksvoorwerpen, zoals een wildkroon, wafelijzers, strijkijzers en gewichten. Meer verfijnde middeleeuwse objecten zijn een gotisch slot, alsook een vork met twee tanden en ivoren handvat. Getuige van hoog vakmanschap is een ijzeren Duits koffertje (16e eeuw) met gegraveerde florale motieven en jachttaferelen. Een 15e-eeuws houten koffertje versterkt met ijzeren banden diende als opbergkoffer voor een kostbaar gebedenboek. Uniek is dat in het kistje een geheim luikje zit, wellicht om relieken of pelgrimsinsignes in te bewaren.
De collectie bevat enkele laatmiddeleeuwse lepels en kandelaars. Het laatmiddeleeuws lavaboketeltje - of aquamanile - had zowel een profane als liturgische functie. Tenslotte zitten in de verzameling meerdere 16e-eeuwse gedreven offerandeschotels, meestal toe te schrijven aan Neurenberg, met visblaasmotieven of religieuze thema’s zoals Adam en Eva in het Paradijs, de Annunciatie, het gevecht tussen de heilige Joris en de draak. Afkomstig uit de abdij van de Premonstratenzers van Ninove is er een sierlijke geajoureerde lezenaar (ca. 1754) met het wapenschild van abt Ferdinand van der Eecken.
Naast enkele borden en keukengerief gaat de aandacht naar de overlijdens- of obiitpenning, gegoten naar aanleiding van het overlijden van François VII (-Balthasar) van Caloen. Op de penning prijkt het wapen en verwijst de randtekst naar de overledene. Prominente Brugse families lieten die penningen verdelen aan hun nabestaanden en vrienden die na de uitvaart ze doorgaven aan de armen aanwezig in de kerk. Zij konden die inruilen voor een brood. Bij sommige uitvaarten werden tot 350 penningen gegoten, goed voor 350 broden.
Zoals te verwachten vinden we tafelzilver in de collectie. Niet alleen bestek, maar ook een paar kandelaars in een elegante Lodewijk XV-stijl, alsook in een klassieke Lodewijk XVI-stijl, allen getuige van het kunnen van de Brugse zilversmeden in de 18e eeuw. Verder een opbergkoffer met zoutvaatjes en mosterdpotje waarbij het blauwe glas schitterend contrasteert met het zilver (Hanau, 1903 (?)). Uit de 19e eeuw een sierlijke milieu de table. In 1929 schonken de 11 kinderen van het gezin een koffieservies in neo-empirestijl in vermeil aan hun ouders Albert van Caloen en Marie van Ockerhout naar aanleiding van hun gouden huwelijksjubileum.
067 Paar zilveren tafelkandelaars Lodewijk XVI-stijl
1000.11 Opbergkoffer met zoutvaatjes en mosterdpotje
1000.12 Tafelkandelaars in Lodewijk XV-stijl
1000.13 Milieu de table
1001.01 Bestek van Caloen - de Gourcy
1001.02 Bestek de l'Espée
01027a Koffiekan empire vermeil
01027b Melkkan empire vermeil
01027c Theepot empire vermeil
01027d Suikerpot empire vermeil
01027e Dienblad servies empire vermeil